RECHTBANK NOORD-NEDERLAND
Zittingsplaats Leeuwarden
Bestuursrecht
beschikkingsnummer: 274874473
zaaknummer: 12082308 BU VERZ 26-177
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak gedaan op de openbare zitting van 14 augustus 2026
in de zaak van
[betrokkene] (de betrokkene),
die woont in [woonplaats]
(gemachtigde: mr. N.G.A. Voorbach, Verkeersboete.nl).
Inleiding
1. Aan betrokkene is een boete opgelegd op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). De verkeersovertreding waarvoor de boete is opgelegd is: ‘een geslotenverklaring voor alle motorvoertuigen negeren (bord C12)’, verricht op 19 juni 2025, om 01:33 uur, op de Wortelhaven in Leeuwarden, met een personenauto, met kenteken [kenteken] . De opgelegde boete bedraagt € 129,00 (inclusief administratiekosten).
Betrokkene heeft tegen de boete beroep ingesteld bij de officier van justitie. Deze heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De kantonrechter heeft het beroep op 14 augustus 2026 op de zitting behandeld. Daarbij was aanwezig: als vertegenwoordiger van de officier van justitie mr. P. Belopavlovic.
Na afloop van de behandeling heeft de kantonrechter onmiddellijk uitspraak gedaan.
Beoordeling door de kantonrechter
Beslissing
2. De kantonrechter beoordeelt het beroep aan de hand van de beroepsgronden van betrokkene. Hij oordeelt dat het beroep ongegrond is. De kantonrechter zal hierna uitleggen waarom hij dat doet.
Standpunten
3. Betrokkene voert aan dat sprake was van een fuik, omdat op de rijroute van betrokkene geen vooraankondigingsborden stonden. Betrokkene kwam vanuit het zuiden op de Voorstreek, stak de gracht over en reed de Wortelhaven in. Vanuit de noordelijke richting op de Voorstreek is wel een vooraankondigingsbord geplaatst. Omdat vanuit de andere richting geen bord is geplaatst, is het zorgvuldigheidsbeginsel geschonden. Er is namelijk niet voldaan aan de voorwaarden die in het algemeen proces-verbaal en het beoordelingskader worden gesteld aan de geslotenverklaring.
4. Daarnaast was de verbalisant niet bevoegd om te handhaven. In het algemeen proces-verbaal is het gehele proces voorafgaand aan de instelling van de geslotenverklaring vastgelegd. Daaruit blijkt dat het plan van aanpak bij de CVOM is ingediend, maar nergens staat dat die heeft ingestemd met digitale handhaving. Deze instemming is echter een noodzakelijke voorwaarde voor digitale handhaving, zoals blijkt uit de Regeling domeinlijsten buitengewoon opsporingsambtenaar. Daarom was de ambtenaar niet bevoegd om deze boete op te leggen. Betrokkene verzoekt om vergoeding van de proceskosten.
5. De vertegenwoordiger is van mening dat het beroep ongegrond moet worden verklaard.
Overwegingen
6. De kantonrechter twijfelt niet aan de bevoegdheid van de verbalisant om te handhaven. Gebleken is dat het Openbaar Ministerie instemming heeft verleend voor de digitale handhaving ter plaatse (zie bijlage). De verbalisant was daarom bevoegd om een boete op te leggen.
7. Daarnaast is het zorgvuldigheidsbeginsel niet geschonden. Volgens het beoordelingskader is een vooraankondigingsbord vereist als een bestuurder anders bijna gedwongen wordt om de geslotenverklaring te negeren. Betrokkene kon na het oversteken van de gracht gewoon linksaf slaan. Daarom is er hier geen fuik.
8. Ten slotte betwist betrokkene de verkeersovertreding niet. Daarmee is de verkeersovertreding komen vast te staan. Ook ziet de kantonrechter geen aanleiding om de boete te matigen. Hij zal het beroep ongegrond verklaren. De proceskosten komen daarom niet voor vergoeding in aanmerking.
Conclusie
De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.
Waarvan proces-verbaal,
mr. W.B. Jongsma, griffier mr. P.G. Wijtsma, kantonrechter
Afschrift verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het
gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:
a. de u opgelegde administratieve boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u geen (of niet op tijd) zekerheid heeft gesteld.
Het (hoger) beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Noord-Nederland, Afdeling Bestuursrecht, locatie Groningen (Postbus 150, 9700 AD Groningen). U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure, tenzij door u bij het (hoger) beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting is gevraagd.