ECLI:NL:RBMNE:2026:7429

ECLI:NL:RBMNE:2026:7429

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 25-09-2026
Datum publicatie 24-10-2026
Zaaknummer C/16/616426 / KG ZA 26-515
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Kort geding
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

geen vervangende toestemming reis naar Pakistan

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

vonnis

C/16/616426 / KG ZA 26-515

Familierecht

locatie Utrecht

zaaknummer / rolnummer: C/16/616426 / KG ZA 26-515

Vonnis in kort geding van 25 september 2026

in de zaak van

[de moeder] ,

wonend in [plaats 1] ,

eiseres, hierna te noemen: de moeder,

advocaat mr. N. Baouch,

tegen

[de vader] ,

wonend in [plaats 1] ,

gedaagde, hierna te noemen: de vader,

advocaat mr. A. Acar.

1. De procedure

De voorzieningenrechter heeft de volgende stukken ontvangen:

 de dagvaarding met producties 1 t/m 8;

 de conclusie van antwoord met producties 1 t/m 5;

 producties 9 t/m 13 bij de dagvaarding.

Op 18 september 2026 heeft de mondelinge behandeling (zitting) plaatsgevonden, daarbij waren aanwezig:

 de moeder met (plaatsvervangend) advocaat mr. A. de Visser;

 de vader met zijn voornoemde advocaat en advocaat mr. J. Vaneerdewegh.

De vader heeft bezwaar gemaakt tegen producties 9 t/m 13 van de moeder. De voorzieningenrechter zal hieraan voorbij gaan en de producties meenemen in haar beoordeling. Hoewel de producties niet tijdig (binnen 24 uur voor de zitting) zijn ingediend, zijn deze niet omvangrijk, eenvoudig te doorgronden en reeds gedeeltelijk bij de vader bekend.

De voorzieningenrechter heeft geen aanleiding gezien om de minderjarige kinderen van partijen in de gelegenheid te stellen om aan de voorzieningenrechter te vertellen wat zij van de vorderingen vinden, in verband met de spoedeisendheid van de procedure.

Ten slotte is bepaald dat vandaag vonnis wordt gewezen.

2. Waar gaat het geschil over?

Partijen zijn met elkaar getrouwd. Bij deze rechtbank is een echtscheidingsprocedure aanhangig.

Partijen zijn de ouders van:

 [minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2015 in [geboorteplaats] ;

 [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2020 in [geboorteplaats] ;

 [minderjarige 3] , geboren op [geboortedatum 2] 2020 in [geboorteplaats] .

De ouders hebben samen het gezag over de kinderen. Dat betekent dat zij samen de belangrijke beslissingen over de kinderen nemen.

De moeder vordert dat de voorzieningenrechter bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:

 vervangende toestemming verleent om in de periode van 2 oktober 2026 t/m

17 oktober 2026 met de kinderen af te reizen naar Pakistan;

 vervangende toestemming verleent, voor zover noodzakelijk in verband met de voorgenomen reis naar Pakistan, voor het laten verrichten van de voor deze reis medisch geïndiceerde en/of vereiste vaccinaties van de kinderen, overeenkomstig het actuele reisadvies van de daartoe bevoegde medische instantie;

 de vader veroordeelt tot betaling van een dwangsom van € 250,- voor elke dat dat hij de jegens hem uitgesproken veroordeling in dit vonnis niet nakomt;

 de vader veroordeelt in de proceskosten.

De vader voert verweer en geeft geen toestemming voor de vakantie. Hij concludeert tot afwijzing van de vordering en veroordeling van vader in de (na)kosten van deze procedure. In het geval dat de voorzieningenrechter toestemming voor de vakantie verleent, wil de vader dat de duur daarvan wordt ingeperkt en/of nadere voorwaarden voor de moeder aan de vakantie worden verbonden.

3. De beoordeling

Uitgangspunten

Het gaat hier om een in kort geding gevorderde voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter moet daarom eerst beoordelen of de moeder ten tijde van dit vonnis bij die voorziening een spoedeisend belang heeft. Dat wil zeggen dat de moeder nu een beslissing van de voorzieningenrechter nodig heeft en de uitkomst van een bodemprocedure niet kan afwachten. Daarnaast geldt in beginsel dat de voorzieningenrechter moet beoordelen of het in hoge mate aannemelijk is dat de bodemrechter de vorderingen in een bodemprocedure zal toewijzen. Als uitgangspunt geldt bovendien dat in een kortgedingprocedure geen plaats is voor bewijslevering.

Spoedeisend belang

Er is een spoedeisend belang, omdat de vader geen toestemming heeft gegeven voor de vakantie en de moeder op korte termijn wil vertrekken. Dit betekent dat de voorzieningenrechter de vorderingen van de moeder inhoudelijk kan beoordelen en daarop kan beslissen.

De vakantie

De voorzieningenrechter wijst de vorderingen van de moeder af en geeft haar geen vervangende toestemming om met de kinderen op vakantie te gaan naar Pakistan. De voorzieningenrechter zal hierna uitleggen waarom hij deze beslissing neemt.

De ouders zijn gezamenlijk belast met het gezag over de kinderen. Dit betekent dat de moeder de toestemming nodig heeft van de vader om met de kinderen op vakantie te gaan. In de wet staat dat de rechter een beslissing kan nemen als er sprake is van een gezagsgeschil. Dat betekent dat als de vader geen toestemming geeft aan de moeder om met de kinderen op vakantie te gaan, de rechter vervangende toestemming kan geven. Dat kan ook in kort geding. De voorzieningenrechter neemt een beslissing in het belang van de kinderen. De voorzieningenrechter vindt dat het belang van de kinderen zich verzet tegen een vakantie naar Pakistan.

Volgens de moeder is het voldoende veilig in Pakistan en volgens de vader niet. Het is voor de voorzieningenrechter niet te beoordelen wat de werkelijke, plaatselijke veiligheidssituatie in Pakistan is en of dit voldoende veilig is voor een verblijf met de kinderen. De voorzieningenrechter gebruikt daarom bij haar oordeel alleen de objectieve informatie van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Daaruit blijkt dat voor Pakistan voornamelijk de codes oranje en rood gelden. Voor de plaats waar de moeder naartoe wil ( [plaats 2] ) geldt code oranje. De plaats ligt dicht tegen de grens van een gebied waar code rood geldt. Code rood betekent dat het te gevaarlijk is om daarheen te reizen. Code oranje betekent dat wordt geadviseerd om alleen te gaan als het noodzakelijk is, bijvoorbeeld bij een familiebezoek bij overlijden, ernstige ziekte of ongeval van een familielid. Deze adviezen zijn gebaseerd op veiligheidsrisico’s ter plaatse. In dat kader wijst het Ministerie van Buitenlandse zaken er ook op dat de huidige situatie in het Midden-Oosten kan leiden tot gewelddadige demonstraties in Pakistan. Hoewel de voorzieningenrechter de wens van de moeder om met de kinderen naar Pakistan af te reizen begrijpt, heeft de moeder naar het oordeel van de rechtbank onvoldoende onderbouwd dat het een noodzakelijke reis betreft, zoals in oranje gebied is vereist volgens het reisadvies van het Ministerie van Buitenlandse zaken. De voorgenomen reis heeft namelijk het doel om de bruiloft van een vierdegraads familielid bij te wonen en vakantie te houden.

Hiernaast is van belang dat de reis gedeeltelijk buiten de schoolvakanties plaatsvindt waardoor de kinderen door de vakantie ruim een week school zouden missen. Dit is niet in het belang van de kinderen. Weliswaar heeft de school, na aandringen van de moeder, met het schoolverzuim ingestemd, maar daarbij is voorbijgegaan aan het gezag van de vader. De moeder heeft de vader niet betrokken bij de verlofaanvraag op school en de school heeft dat ook niet gedaan. Verder is onduidelijk gebleven waarom de school bij het verlenen toestemming voor het schoolverzuim van haar eigen beleid afgeweken is. Volgens het standaardbeleid van de school wordt alleen toestemming verleend voor bijzondere gebeurtenissen van tot derdegraads familieleden.

Bij zijn beslissing heeft de voorzieningenrechter ook meegewogen dat partijen al geruime tijd niet met elkaar communiceren. Het is daarom onduidelijk gebleven of en hoe de moeder de vader tijdens een vakantie op de hoogte zal houden en of en hoe (eventueel digitaal) contact tussen de vader en de kinderen zal plaatsvinden. Deze onduidelijkheid draagt niet bij aan de onderlinge verstandhouding tussen de ouders. Dat is onwenselijk en niet in het belang van de kinderen. Overigens kan de voorzieningenrechter zich niet aan de indruk onttrekken dat het gebrek aan communicatie tussen partijen (mede) oorzaak is geweest van deze procedure. De voorzieningenrechter adviseert de ouders dan ook met klem om hulp te zoeken bij het verbeteren van hun onderlinge communicatie en verstandhouding.

Ten overvloede merkt de voorzieningenrechter nog op dat het de moeder uiteraard vrij staat om zonder de kinderen naar Pakistan af te reizen.

Proceskosten

In familiezaken is het gebruikelijk om de proceskosten te compenseren vanwege de relatie tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt. De voorzieningenrechter ziet geen aanleiding om hiervan af te wijken. Iedere partij moet daarom de eigen kosten dragen.

4. De beslissing

De voorzieningenrechter:

wijst de vorderingen af;

compenseert de kosten van deze procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.

Dit vonnis is gewezen door mr. R.W.J. van Veen (voorzieningenrechter) in samenwerking met mr. K.A.H. Verhoeven (griffier) en is in het openbaar uitgesproken op 25 september 2026.

VK(MN

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand