ECLI:NL:RBDHA:2026:31510

ECLI:NL:RBDHA:2026:31510

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 21-10-2026
Datum publicatie 26-10-2026
Zaaknummer NL25.50311
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Zwolle

Samenvatting

Beroep tegen afwijzing asielaanvraag. De minister heeft zich terecht op het standpunt gesteld dat het conflict met de apotheekmedewerkers en de daaruit voortvloeiende problemen met de AAH-militie ongeloofwaardig zijn. Daarnaast heeft de minister terecht geconcludeerd dat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij een gegronde vrees voor vervolging heeft of een reëel risico loopt op een behandeling in strijd met artikel 3 van het EVRM. Verder heeft de minister op goede gronden aangenomen dat er geen bijzondere omstandigheden bestaan om af te wijken van het uitgangspunt dat bij het nemen van een besluit het recht wordt toegepast zoals dat op dat moment geldt. Beroep ongegrond.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiseres] , V-nummer: [V-nummer], eiseres

de minister van Asiel en Migratie,

Samenvatting

Zittingsplaats Zwolle

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.50311

(gemachtigde: mr. T. der Bedrosian),

en

(gemachtigde: mr. P.M.W. Jans).

1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van de asielaanvraag van eiseres als bedoeld in artikel 28 van de Vw. Eiseres is het hier niet mee eens. Zij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de afwijzing van de asielaanvraag.

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing van de asielaanvraag in stand kan blijven. De minister heeft zich namelijk terecht op het standpunt gesteld dat het conflict met de apotheekmedewerkers en de daaruit voortvloeiende problemen met de AAH-militie ongeloofwaardig zijn. Daarnaast heeft de minister terecht geconcludeerd dat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij een gegronde vrees voor vervolging heeft of een reëel risico loopt op een behandeling in strijd met artikel 3 van het EVRM. Verder heeft de minister op goede gronden aangenomen dat er geen bijzondere omstandigheden bestaan om af te wijken van het uitgangspunt dat bij het nemen van een besluit het recht wordt toegepast zoals dat op dat moment geldt. Hieronder legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. Eiseres heeft een aanvraag om verlening van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Zij stelt van Iraakse nationaliteit te zijn en te zijn geboren op [geboortedatum] 1957. De minister heeft met het bestreden besluit van 18 september 2025 deze aanvraag in de verlengde procedure afgewezen als ongegrond.

Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit.

De minister heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.

De rechtbank heeft het beroep op 3 september 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres, I.A.I. Abdelfattah als tolk en de gemachtigde van de minister.

Beoordeling door de rechtbank

Wat is het asielrelaas van eiseres?

3. Eiseres legt aan haar asielaanvraag het volgende ten grondslag. In 2019 is eiseres geopereerd aan haar linkerborst vanwege borstkanker. De behandelend arts heeft haar medicijnen voorgeschreven. Deze medicijnen kreeg eiseres, maar vanaf januari 2022 moest zij hier ineens zelf voor betalen omdat zij christen is. Na een aantal maanden voor deze medicatie te hebben betaald, heeft eiseres bij de apotheek van het ziekenhuis in [plaats] geklaagd. Daarop hebben de medewerkers van de apotheek haar met de dood bedreigd. Eiseres heeft daarvan aangifte gedaan bij de politie. Een aantal dagen later is de AAH-militie bij haar broer langs geweest. De militie heeft haar en haar broer met de dood bedreigd en vervolgens haar broer, zijn gezin en eiseres gedwongen de woning te verlaten. Eiseres heeft uiteindelijk Irak verlaten. Bij terugkeer naar Irak vreest eiseres te worden gedood door de militie.

Wat is het standpunt van de minister in het bestreden besluit?

4. Het asielrelaas van eiseres bevat volgens de minister de volgende asielmotieven:

De minister stelt zich hierover op het standpunt dat de identiteit, nationaliteit en herkomst van eiseres geloofwaardig zijn. Het conflict met de apotheekmedewerkers en de daaruit voortvloeiende problemen met de AAH-militie wordt ongeloofwaardig gevonden. De minister heeft daarover – kort samengevat – het standpunt ingenomen dat de verklaringen van eiseres geen samenhangend en aannemelijk geheel vormen. Eiseres verklaart vaag over haar bezoek aan de apotheek en over de AAH-militie. Eiseres heeft tot aan haar vertrek geen problemen gehad met de AAH-militie of met de apotheekmedewerkers. Verder vindt de minister het vaag dat eiseres niet bij de politie heeft geïnformeerd over de uitkomst van de zaak. Daarnaast vindt de minister het vaag dat de AAH-militie haar broer en zijn gezin heeft gedwongen de woning te verlaten, terwijl zij op zoek waren naar eiseres. Daar komt bij dat de broer van eiseres sinds het vertrek van eiseres uit Irak niets meer van de AAH-militie heeft vernomen. De minister concludeert daarom dat de asielaanvraag wordt afgewezen als ongegrond.

Is het conflict met de apotheekmedewerkers en de daaruit voortvloeiende problemen met de AAH-militie geloofwaardig?

Wat is het betoog van eiseres?

5. Eiseres voert aan dat zij consistent, gedetailleerd en aannemelijk heeft verklaard over de gebeurtenissen die ten grondslag liggen aan haar asielrelaas. Tijdens het nader gehoor heeft zij uitgebreid beschreven hoe zij bij de apotheek klaagde over het feit dat zij haar medicatie niet langer kreeg maar moest kopen. Zij wist de namen van de apotheekmedewerkers te noemen, gaf heel concreet de tijdlijn aan vanaf wanneer zij geen medicatie meer kreeg en zelf medicatie moest kopen en wist nog exact te vertellen wat de apotheekmedewerkers tegen haar hadden gezegd. Daar komt bij dat eiseres consistent heeft verklaard dat zij onmiddellijk na de doodsbedreiging het ziekenhuis heeft verlaten en aangifte heeft gedaan bij de politie. De verklaring van eiseres over de dreiging van de AAH-militie is ook duidelijk en gedetailleerd. Eiseres verklaarde dat, toen eiseres niet thuis was, de militieleden haar broer en zijn gezin hebben bedreigd en hen hebben gedwongen de woning te verlaten. Dit toont aan dat de bedreiging zich van eiseres naar haar familieleden heeft uitgebreid.

Eiseres voert daarnaast aan dat zij haar verklaringen heeft onderbouwd met authentieke documenten uit Irak. Dit is een proces-verbaal van aangifte bij de rechtbank, een schriftelijk aangifte bij de politie en een oproep van de politie gericht aan de apotheekmedewerkers die eiseres hebben bedreigd. Bureau Documenten heeft geconcludeerd dat deze stukken kopieën zijn en dat daarom niets kan worden gezegd over de inhoud, opmaak en afgifte van de documenten. Dit betekent volgens eiseres echter niet dat de documenten inhoudelijk geen waarde hebben. De inhoud van de documenten bevestigt namelijk wat eiseres heeft verklaard. Dat deze documenten een interne tegenstrijdigheid bevatten, namelijk dat eiseres sinds acht maanden aan haar ziekte leed, en dit niet klopt met de verklaringen van eiseres kan niet worden gevolgd. Dit is volgens eiseres geen reële tegenstrijdigheid, omdat eerder sprake kan zijn geweest van een andere ziekte. Ook kan sprake zijn van een vertaalfout of een administratieve aanduiding in de aangifte, bijvoorbeeld dat zij sinds acht maanden opnieuw met klachten kampte of geen medicatie heeft gehad. De minister heeft de schijnbare tegenstrijdigheid niet nader onderzocht en eiseres hier ook niet op bevraagd. Daarnaast heeft de minister niet inzichtelijk gemaakt waarom de overgelegde documenten het relaas niet zouden ondersteunen. Wat is het oordeel van de rechtbank?

De rechtbank is van oordeel dat de minister terecht het standpunt heeft ingenomen dat de verklaringen van eiseres geen samenhangend en aannemelijk geheel vormen. Eiseres heeft namelijk verklaard dat, ondanks dat de apotheekmedewerkers haar slecht behandelden, zij terug bleef gaan naar diezelfde apotheek. Na de aangifte tegen de apotheekmedewerkers heeft zij tegen betaling wel bij een andere apotheek haar medicatie gekregen. Het is de rechtbank niet gebleken of deze andere apotheek voor problemen heeft gezorgd. Ook is het voor de rechtbank onduidelijk gebleven waarom eiseres niet eerder naar deze apotheek is gegaan. Naar het oordeel van de rechtbank heeft eiseres daarnaast vaag verklaard over de AAH-militie. Tijdens het nader gehoor heeft eiseres namelijk verklaard niets te weten over de militie. Zij verklaart slechts dat de militie geen god kent en genadeloos is, maar verder weet zij niets over de militie te vertellen. Ook heeft eiseres niets verklaard over de link tussen de militie en de apotheekmedewerkers. De rechtbank overweegt verder dat de minister terecht heeft gesteld dat het vaag is dat eiseres niet bij de politie heeft geïnformeerd over de uitkomst van de zaak tegen de apotheekmedewerkers. Het incident met de apotheekmedewerkers, en het daaropvolgende bezoek van de militie, is namelijk de reden geweest dat eiseres Irak heeft verlaten. Het had daarom van eiseres mogen worden verwacht dat zij naar de uitkomst van de zaak had geïnformeerd. De rechtbank vindt het ook van belang dat eiseres sinds haar vertrek geen problemen heeft gehad met de militie of met de apotheekmedewerkers. Ook heeft de broer van eiseres na haar vertrek uit Irak niets meer van de militie vernomen.

De rechtbank is verder van oordeel dat de minister zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat de door eiseres overgelegde documenten niet kunnen dienen als een onderbouwing van haar asielrelaas. Het standpunt van eiseres dat de documenten inhoudelijk niet zijn meegewogen, en de verwijzing tijdens de zitting naar een uitspraak van de Afdeling van 20 maart 2025 waarin is geoordeeld dat aan documenten waarvan de authenticiteit niet kan worden vastgesteld niet de waarde mag worden ontzegd, maakt het oordeel niet anders. De minister heeft namelijk uitgebreid in het bestreden besluit overwogen dat de documenten kopieën zijn die afbreuk doen aan de bewijswaarde. De documenten zijn niet terzijde geschoven. Verder heeft de minister geconcludeerd dat de inhoud van de overgelegde documenten niet overeenkomt met de verklaringen van eiseres en dat de documenten intern tegenstrijdig zijn. Zo staat in beide documenten dat eiseres sinds acht maanden aan haar ziekte leed, terwijl in één van de documenten ook staat dat zij in 2019 een borstamputatie heeft gehad. De stelling van eiseres dat dit geen reële tegenstrijdigheden zijn, omdat ook sprake kan zijn geweest van een andere ziekte of een fout in het opstellen van de documenten, volgt de rechtbank niet. Eiseres heeft namelijk niet geconcretiseerd om welke andere ziekte het dan gaat. Eiseres heeft tijdens de zitting enkel verklaard nog medicatie te hebben voor haar keel, waar zij sinds haar geboorte last van heeft, en voor haar hoge bloeddruk. Hiermee heeft eiseres nog niet duidelijk gemaakt of de hoge bloeddruk verband houdt met een ziekte waar zij, op het moment van de aangifte in 2022, sinds acht maanden aan lijdt. Wat betreft het overgelegde arrestatiebevel heeft de minister terecht overwogen dat dit document ook de verklaringen van eiseres niet ondersteunt. Volgens de tolk van het nader gehoor en de door eiseres overgelegde vertaling betreft het een oproep voor de apotheekmedewerkers om zich te melden en dat wettelijke maatregelen volgen als zij dit nalaten. Eiseres heeft verklaard dat zij weet dat de apotheekmedewerkers zijn gearresteerd, omdat de militie langs is geweest. Het document is echter geen arrestatiebevel. Daar komt bij dat eiseres verder niet bij de politie is nagegaan wat de uitkomst is geweest van haar aangifte. Het overgelegde document is voor de rechtbank dan ook onvoldoende om de verklaring van eiseres aannemelijk te vinden.

Gelet op wat hiervoor is overwogen, is de rechtbank van oordeel dat het conflict met de apotheekmedewerkers en de daaruit voortvloeiende problemen met de AAH-militie ongeloofwaardig zijn. Deze beroepsgrond slaagt niet.Heeft eiseres aannemelijk gemaakt dat zij een gegronde vrees voor vervolging heeft of een reëel risico loopt op een behandeling in strijd met artikel 3 van het EVRM?Wat is het betoog van eiseres?

6. Eiseres voert aan dat zij bij terugkeer te vrezen heeft voor vervolging vanwege haar religie. Zij is namelijk christen in een overwegend islamitisch land. Zij heeft zelf vijandigheid en discriminatie meegemaakt omdat zij christen is. Uit het ambtsbericht blijkt dat christenen en andere minderheden stelselmatig worden blootgesteld aan ernstige mensenrechtenschendingen. Daar komt bij dat de daders van geweld tegen onder andere demonstranten, activisten en minderheden zelden worden aangepakt. Ook blijkt uit internationale rapporten dat de religieuze minderheden in Irak nog steeds gevaar lopen. Dit heeft de minister onvoldoende betrokken. Eiseres vreest verder dat zij een reëel risico loopt op ernstige schade vanwege het gebrek aan medische zorg en sociale opvang. Eiseres is namelijk kwetsbaar, omdat zij een alleenstaande vrouw op leeftijd is en onderdeel is van de christelijke minderheid in Irak. Zij heeft niemand om op terug te vallen, ook niet op haar broers. De broers van eiseres vallen namelijk ook onder de christelijke minderheid en kunnen haar daardoor niet beschermen. De minister heeft daarnaast onvoldoende rekening gehouden met de gezondheidssituatie van eiseres en de gebrekkige gezondheidszorg in Irak. Wat is het oordeel van de rechtbank?

De rechtbank is van oordeel dat de minister zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij een risico loopt op vervolging of ernstige schade vanwege het enkele feit dat zij christen is. Christenen worden namelijk niet meer als kwetsbare minderheidsgroep aangemerkt. Uit de kamerbrief van 27 mei 2024 over het landenbeleid van Irak is gebleken dat christenen worden erkend als officiële religie. Daarnaast wordt ook in de kamerbrief genoemd dat niet uit het ambtsbericht blijkt dat christenen op grote schaal te maken krijgen met ernstige beperkingen in het uiten en belijden van hun geloof of dat zij bij terugkeer in algemene zin en op grote schaal te vrezen hebben voor vervolging of ernstige schade vanwege hun religie. Christenen worden hierdoor niet meer als kwetsbare minderheidsgroep aangemerkt. De stelling van eiseres dat uit het ambtsbericht blijkt dat christenen stelselmatig worden blootgesteld aan ernstige mensenrechtenschendingen, volgt de rechtbank niet. De rechtbank overweegt daarnaast dat eiseres geen individuele omstandigheden naar voren heeft gebracht waaruit blijkt dat juist eiseres als christen bij terugkeer naar Irak een gegronde vrees voor vervolging heeft. Ook heeft de rechtbank hiervoor al geoordeeld dat het conflict met de apotheekmedewerkers en de daaruit voortvloeiende problemen met de AAH-militie niet geloofwaardig zijn.

De minister heeft zich verder terecht op het standpunt gesteld dat eiseres niet onder het risicoprofiel van alleenstaande vrouwen in Irak valt. In 2012 is eiseres namelijk voor tien jaar teruggekeerd naar Irak, waardoor ervan uit kan worden gegaan dat zij een sociaal netwerk en (mannelijke) familieleden heeft waar zij op terug kan vallen. Eiseres heeft daarover verklaard dat zij twee broers heeft in Irak en ook bij een van hen heeft verbleven. De stelling van eiseres dat haar broers haar niet kunnen beschermen omdat zij ook christen zijn, maakt het oordeel niet anders. Zoals hiervoor is overwogen, worden christenen namelijk niet meer aangemerkt als kwetsbare minderheidsgroep. Daarnaast hebben de broers van eiseres sinds haar vertrek uit Irak geen problemen ondervonden met de militie. Verder heeft eiseres tijdens de zitting verklaard dat haar broers nog steeds in Irak wonen. De rechtbank gaat er hierdoor van uit dat eiseres kan terugvallen op haar broers.

Wat betreft de gebrekkige gezondheidszorg in Irak, is de rechtbank van oordeel dat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij geen toegang heeft tot de zorg. Eiseres heeft dit ook niet onderbouwd. Verder is uit de verklaringen van eiseres gebleken dat zij wel toegang heeft gehad tot de zorg. Eiseres heeft immers verklaard dat zij is geopereerd en dat zij haar medicatie heeft kunnen krijgen/kopen. Daarnaast heeft eiseres tijdens de zitting verklaard al een jaar te zijn gestopt met het nemen van haar medicatie tegen borstkanker, na deze medicatie vijf jaar te hebben gebruikt. De rechtbank overweegt dan ook dat eiseres deze medicatie blijkbaar niet meer nodig heeft.

Gelet op wat hiervoor is overwogen, is de rechtbank van oordeel dat eiseres niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij een gegronde vrees voor vervolging heeft of een reëel risico loopt op ernstige schade. Deze beroepsgrond slaagt niet.Heeft de minister terecht geen bijzondere omstandigheden aangenomen op grond waarvan afgeweken had moeten worden van het uitgangspunt dat bij het nemen van een besluit het recht wordt toegepast zoals dat op dat moment geldt?Wat is het betoog van eiseres?

7. Eiseres voert aan dat het besluit in strijd is met het gelijkheidsbeginsel en het verbod van willekeur. Ten tijde van haar asielaanvraag gold voor christelijke minderheden uit Centraal-Irak een gunstiger beleid dan ten tijde van de beslissing. Het eerdere beleid erkende christenen namelijk als risicogroep, waardoor de bewijslast voor hen lichter was om in aanmerking te komen voor bescherming. Andere asielzoekers met hetzelfde profiel waarbij voor de beleidswijziging op hun aanvraag werd beslist, zijn misschien wel in aanmerking gekomen voor bescherming onder het mildere beleid. Dat het besluit op de aanvraag van eiseres pas in 2025 is genomen, is te wijten aan de capaciteit van de minister. In het geval van eiseres dient een uitzondering te worden gemaakt op het huidige beleid, omdat sprake is van bijzondere omstandigheden. Dat eiseres langdurig in onzekerheid heeft gezeten over de beslissing op haar asielaanvraag, haar verslechterde gezondheid en de beleidswijziging vormen samen een bijzondere omstandigheid waardoor eiseres in aanmerking zou moeten komen voor het eerdere beleid.Wat is het oordeel van de rechtbank?

De rechtbank is van oordeel dat de minister terecht geen bijzondere omstandigheden heeft aangenomen op grond waarvan afgeweken had moeten worden van het uitgangspunt dat bij het nemen van een besluit het recht wordt toegepast zoals dat op dat moment geldt. De minister heeft zich daarbij terecht op het standpunt gesteld dat de enkele omstandigheid dat een belanghebbende door toepassing van nieuw recht in een ongunstigere positie komt daarvoor onvoldoende is. Dit volgt uit een uitspraak van de Afdeling van 13 februari 2019. Gelet op deze uitspraak van de Afdeling ziet de rechtbank in enkel het tijdsverloop geen bijzondere omstandigheid om van het hiervoor genoemde uitgangspunt af te wijken. De rechtbank merkt de verslechterde gezondheid van eiseres ook niet aan als bijzondere omstandigheid, omdat eiseres dit niet met medische stukken heeft onderbouwd. Deze beroepsgrond slaagt niet.

Conclusie en gevolgen

8. De minister heeft de aanvraag terecht afgewezen als ongegrond.

Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat het bestreden besluit in stand blijft. Eiseres krijgt geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. T.M. Weeda, rechter, in aanwezigheid van mr.M.L. Tijssen, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 4 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. T.M. Weeda

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand